

Wanneer je een reuzenpanda bekijkt vallen een aantal dingen op: de brede kop, de poten en hun zithouding. De beer is volledig gebouwd op het eten van bamboe. Met zijn ontzettend krachtige kaakspieren en brede kiezen vermaalt hij met gemak de harde bamboestengels. Uit zijn polsgewricht groeit een soort extra vinger. Met deze ‘duim’ kan hij bamboe goed vasthouden. Het dier eet meestal zittend of liggend. Hij is erg flexibel en kan zelfs in een speelse bui koprollen maken. Jonge panda’s die leren klimmen vallen nog weleens uit een boom, maar ook die klap kunnen ze goed opvangen.

Je hoort en leest vaak dat mensen beweren dat de reuzenpanda uitsterft omdat ze slecht zijn in voortplanten en weinig jongen krijgen. Toch valt dat erg mee. Een reuzenpanda kan elke drie jaar een jong krijgen. In haar leven kan een vrouwtje ongeveer zes jongen grootbrengen. Dat is vergelijkbaar met orang-oetans en olifanten. In het wild neemt de reuzenpanda populatie op dit moment zelfs toe! Dat is te danken aan de grote inzet van allerlei organisaties om de reuzenpanda en zijn leefgebied te beschermen.




In verband met de hevige sneeuwval is de dierentuin vandaag gesloten.