

Sidderalen gebruiken elektrische schokken om te navigeren in troebel water, om prooidieren te vinden en te verlammen en via schokken communicatie ze met soortgenoten.
Om te navigeren en prooien op te sporen gebruiken ze zwakke elektrische schokken. Deze zwakke schokken komen vanuit het zogenaamde Sachsorgaan. Als de sidderaal vervolgens een prooi gevonden heeft, geeft hij een sterkere elektrische schok. Die sterkere schok komt uit het Hunters orgaan of hoofdorgaan en is vaak meer dan 600 Volt. Daardoor raakt de prooi verlamd, waardoor deze niet meer kan wegzwemmen. De sidderaal opent dan zijn bek en slokt de prooi in één keer op.
In de speciale organen van de sidderaal zitten allemaal cellen die een klein beetje elektrische spanning op kunnen slaan. Als het ware zijn het kleine batterijtjes. Omdat er honderden cellen bij elkaar zitten, kan de totale elektrische lading heel hoog oplopen. Bij een signaaltje vanuit het brein van de sidderaal ontladen de cellen en geeft de sidderaal dus een schok.

In verband met de hevige sneeuwval is de dierentuin vandaag gesloten.